Op maandag 5 augustus bleek het een feestdag op La Palma te zijn, ter ere van Nuestra Señora de las Nieves. Wij wisten dat niet (vorig jaar ongemerkt aan ons voorbij gegaan, was toen een zondag), hoorden het bij toeval. Normaliter is maandag onze boodschappendag, de koelkast is meestal leeg na het weekend, maar alle winkels zouden ook gesloten zijn (bleek achteraf overigens helemaal niet het geval te zijn). Daarom besloten we dat wij dan ook maar een ‘vrije dag’ zouden nemen en gingen we wandelen naar de Llano del Jable, een asvlakte min of meer recht boven ons. We hadden met de wandelapp Viewranger een wandeling vanaf Tacande naar de Llano del Jable op de telefoon gedownload, 9 km en 550 mtr hoogteverschil.

de wandeling die we gemaakt hebben

Later zagen we dat dezelfde wandeling ook in een van onze wandelgidsen stond, maar met de route op de telefoon was het wel erg praktisch, moet ik zeggen. Met de auto zijn we een stukje omhoog gereden naar het startpunt in de Calle Cuesta de Juliana in Tacande, kleine 3 km afstand van ons huis. Meteen vanaf het begin ging het steil omhoog, niks geleidelijk klimmen, nee meteen alle 550 mtr in één streep doorploeteren. Maar het was de moeite waard, de Llano del Jable is mooi in al zijn zwartheid. Er was wel heel veel wind toen we er eenmaal aangekomen waren, maar dat stoorde ons niet. We zagen overigens dat je er ook met een 4×4 auto kunt komen, Volgende keer misschien 😊 .

Omhoog, stukje ‘vals plat’ hier, maar dat duurde helaas niet lang. Al snel weer stug bergop.
De kale top van de Birigoyo die we kortgeleden beklommen hebben.
Aangekomen op Llano del Jable.
Je zou het niet zeggen, maar het woei ontzettend daar.
Een aarzelend wolkenwatervalletje over de Cumbre.
Na afloop hadden we een biertje van bierbrouwerij Isla Verde in Tijarafe verdiend. Blond Picara voor Karel en wit Indiana voor mij. Lekker!

En daarna afkoelen ‘with a view’ in ons dompelbad.

De gemeente Los Llanos houdt er een wel heel apart ‘drempelbeleid’ op na. Ongeveer een jaar geleden werden er in de Camino Campitos, de straat waar onze beneden-ingang aan ligt, een stuk of 3 hele vervelende drempels aangelegd. Mooi rood, goed opvallend, maar hoog en heel recht ‘afgekant’. De eerste keer dat ik eroverheen ging had ik dat niet in de gaten en klapte ik er enorm overheen. Daarna steeds afgeremd tot bijna stilstand en dan héél rustig eroverheen gereden. Het werkt wel op die manier, zo’n drempel, dat moet gezegd. Maar vermoedelijk hadden er meer mensen moeite mee, want enkele maanden later werden de drempels enigszins afgeplat, zodat je er overheen kon zonder je auto aan gort te rijden.

Dit is een kleintje, al aangepast naar de mildere variant.

Weer een tijdje later waren er werkzaamheden aan de Campitos, iets met de straatverlichting die er al lang stond maar het nooit deed. De drempels werden doorsneden door een sleuf en daarna weer dichtgemaakt met grijs cement. Zag er een stuk minder mooi uit. En kortgeleden werd de hele Campitos (behalve het deel bij ons helaas) opnieuw geasfalteerd. Dat was ook hard nodig, want in erbarmelijke staat. De drempels werden met het straatniveau gelijk gemaakt, weg drempels, alleen de rode bovenkant is zichtbaar gebleven. Dit lijkt me toch een redelijke verspilling van gemeenschapsgeld, de drempels hebben er nog geen jaar gelegen!  Het heeft natuurlijk wel wat mensen aan het werk gehouden, dat dan weer wel.

De erdoorheen gehakte sleuf is nog goed zichtbaar, maar het niveauverschil is weg. Je kunt weer als vanouds door de Campitos scheuren.

We wilden graag Protea’s in onze tuin hebben, die mooie, grote bloemen die je in Zuid-Afrika zo veel ziet. Nu worden ze ook op La Palma geteeld, boven El Paso zijn verschillende velden te vinden en ze worden in boeketten te koop aangeboden. Maar om een Protea-plant te kopen voor de tuin, dat valt nog niet mee. Ze worden waarschijnlijk allemaal geëxporteerd. Maar van onze onderburen hoorden we dat er op de zondagmarkt in Argual een dame staat die de planten verkoopt. Dus wij naar de markt.  Ze had ze die dag niet op voorraad maar we konden ze wel bestellen voor de volgende week. Ok, een witte en een rode dan. Een week later weer naar de markt, waar het heel druk was en geen parkeerplaats te vinden was. ‘Dan loop jij maar even en blijf ik hier in de auto wachten’, zei Karel. En inderdaad had ze de planten. Wel heel klein en 8 euro per stuk. Toch maar gekocht. Terug in de auto kreeg ik de wind van voren. ‘Wat heb je nou weer gekocht, daar heb je toch geen 8 euro voor betaald voor die ieniemienie plantjes??’ Ja, wel dus. Afijn, plantjes in de tuin gezet, waarna er maandenlang niks maar dan ook helemaal niks gebeurde. Ze gingen niet dood, maar er zat geen centimeter beweging in. Gelukkig was dat bij onze onderburen, die ook 2 plantjes gekocht hadden, precies zo. Gedeelde smart is halve smart. Tot een paar weken geleden. Opeens kwam er beweging in de zaak en begonnen ze te groeien. In de rode zit inmiddels een enorme bloem, wel heel mooi hoor. De witte bloeit nog niet, maar ook die begint nu groter te worden dus zal dat ook wel goed komen.

De bloeiende protea.
Nog een close-up.
En de witte, die nog niet aan bloeien toe is.

Dan hangen de rode gordijnen intussen in de ‘wintergarten’ boven. Valt me niet tegen toch. Met het krimpverhaal van de gordijnen in de appartementen nog vers in het geheugen, heb ik ze echter royaal lang gelaten. Eerst maar eens een paar keer wassen en zien wat er gebeurt.

Trendy ‘oversized’ gordijnen.
Ouf, wat is dat netjes neergezet. Benieuwd hoe lang dat zo blijft….

En de eerste Elizawashere-gasten zijn intussen geweest. Ze maakten een hele leuke fotocollage en lieten een lief briefje voor ons achter. Bedankt Angelique en Erik !

Max wilde heel graag ook op de foto 🙂