Een bewogen en vooral hele warme week, in meerdere opzichten

Een bewogen en vooral hele warme week, in meerdere opzichten

We hebben een bewogen week achter ons liggen. Vorige week vrijdag tegen het einde van de dag is er in Garafía, in het noorden van La Palma, een bosbrand uitgebroken, die zich tot een hele grote brand heeft ontwikkeld. Er zijn meer dan 300 mensen geëvacueerd, op een gebied van 1.200 hectare zijn bossen, wijngaarden en ook een aantal huizen in vlammen opgegaan. Gelukkig zijn er geen slachtoffers gevallen. Even leek het erop dat de brand zelfs Puntagorda in het noordwesten van La Palma zou bereiken en dat de inwoners daar ook geëvacueerd zouden moeten worden. Maar uiteindelijk draaide de wind en is dat niet nodig geweest.

Het gebied waar de brand woedde.

Meer dan 400 brandblussers vanuit alle Canarische Eilanden en van het vasteland hebben van vrijdagavond tot maandag keihard gewerkt om de brand onder controle te krijgen. Er zijn blushelikopters ingezet en er is een aantal blusvliegtuigen van het península gekomen. Wij zaten er ver vandaan, zagen alleen de grote rookwolken boven de caldera hangen en de blusvliegtuigen en helikopters af en aan vliegen die bij Tazacorte in de oceaan kwamen ‘tanken’. Wel een spectaculair gezicht overigens. Maar wat vreselijk angstig moet het geweest zijn voor de bewoners in het noorden. Op maandag werd het sein ‘brand onder controle’ afgegeven, maar tot op heden is men nog steeds bezig met het controleren van het gebied. Komende zondag gaan we lunchen bij Restaurante Azul in El Castillo, dat midden in het getroffen gebied ligt. Het restaurant en de omliggende huizen zijn gered, maar we zijn wel benieuwd wat we zullen aantreffen in de omgeving.

Doordat we vanaf woensdag hier ook nog een enorme calima hadden met wind en temperaturen die, zo hoorden we, want onze eigen geschiedenis op La Palma gaat nog niet zo ver terug, in geen jaren meer zijn voorgekomen, was het gevaar aanwezig dat de branden weer zouden oplaaien. Maar dat is gelukkig tot nu toe niet gebeurd. Op woensdag, donderdag en vrijdag was het bij ons 38°C overdag en zakte de temperatuur ’s nachts niet onder de 30°C. In Puntagorda is gedurende die dagen zelfs de 40°C bereikt. Dat is echt niet fijn, wat zijn we blij dat we dit voorjaar besloten om ook in onze slaapkamers (in de woonkamer hadden we er al een) een airco te installeren.

Hè hè, eindelijk is het zover en hebben we de bevestiging binnen van onze verhuurlicentie Vivienda Vacacional. We kochten ons huis in maart 2018 met een verhuurlicentie. In de advertentie van de makelaar stond: hoofdhuis met 2 appartementen voor de verhuur en een verhuurvergunning. Ik heb de kopie hier nog liggen. Ok, we hadden de licentie natuurlijk nauwkeuriger moeten lezen (en de makelaar ook….), maar is het raar dat wij ervan uitgingen dat de verhuurlicentie de appartementen betrof? Niets bleek echter minder waar. In april 2018 gingen we naar de Cabildo om de verhuurlicentie op onze naam te laten overschrijven. Alle papieren afgegeven bij Merchi van Turismo en we zouden verder bericht krijgen. Tegen eind 2018 (!), kregen we een aangetekend schrijven dat onze verhuurlicentie niet klopte. Die zat nl. niet op de appartementen maar op het hoofdhuis waarin wij wonen.  En in een huis met verhuurlicentie mochten we eigenlijk helemaal niet permanent wonen. Misleidende verkoopinformatie?? Volgens Merchi was het geen probleem, de oude licentie op ons huis zou opgeheven worden en dan konden we de aanvraag voor de vivienda vacacional-licentie op de appartementen aanvragen.

De bordjes die we naast de ingang van de woningen moeten hangen.

Maar ……… Er moest wel een aantal officiële documenten aangeleverd worden om die licentie te kunnen verstrekken en zelfs in de notariële akte moest eea aangepast worden, want daarin stond het niet goed beschreven. Zucht …… kostte geld en flink ook, terwijl we voor de oude licentie betaald hebben. In september 2019 hadden we eindelijk alles wat nodig was aangepast en de benodigde documenten geregeld en togen we opnieuw naar de Cabildo. Papier met stempel gekregen als bewijs van onze aanvraag en we zouden weer horen. Wanneer ongeveer? Over een maand of 3. Dus in januari weer gebeld met de vraag hoe het met onze aanvraag was. ‘Wanneer heb je hem ingediend? September? Nou, ik ben nu met de aanvragen van juni bezig, dus reken maar uit ..’ Eind juni, een paar dagen voordat ik naar NL zou vertrekken, kregen we een aangetekend schrijven van de Cabildo, er ontbrak toch nog enige informatie van het kadaster. Of we die binnen 10 dagen wilden aanleveren, anders gingen ze ervan uit dat onze aanvraag kon vervallen. Grrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrr. Alle documenten die we van het kadaster hebben (en dat zijn er een hoop) heeft Karel toen naar Merchi gebracht met de vraag of ze dan zelf maar even wilde kijken wat er ontbrak. Ze zou het gaan bestuderen en erop terugkomen. En dan uiteindelijk begin deze week, weer een aangetekende brief. De schrik sloeg ons om het hart. Maar nee, joehoe joehoe, dit keer was het dus de bevestiging. Of we maar weer naar Santa Cruz wilden komen om de papieren op te halen. Ik dacht, dat wordt een dik pak documenten. Maar ik kreeg slechts een simpel A4-tje met daarop de twee licentienummers. En per woning een A4 kaart met daarop vermeld in 4 talen (met taalfouten overigens) dat de gasten klachtenformlieren ter beschikking staan, die we in de woningen duidelijk zichtbaar moeten ophangen. En per woning een blok met officiële klachtenformulieren. In 4-voud, genummerd en met stempel van de Cabildo erop. Het duurt even, maar dan heb je ook wat …..

Laat maar komen die klachten, we zijn er klaar voor 🙂

De story over ons galerijwater continues voorlopig nog. Ook daar troffen we wat ‘lijken in de kast’ aan. Maar daarover een andere keer meer.

Oh ja, tussen de bedrijven door heeft Nederland geheel Spanje code oranje gegeven, dus ook La Palma. Het is volkomen idioot dat heel Spanje over één kam geschoren wordt. Ik denk niet dat er veel plaatsen zijn waar je op dit moment veiliger bent dan op La Palma En dat geldt trouwens ook voor nog behoorlijk wat andere plaatsen in Spanje. Ik heb foto’s gezien van de drukke Nederlandse kust en in Amsterdam en Rotterdam is het risico op besmetting vele malen groter. Dank je wel Nederland voor het veroorzaken van nog meer economische schade dan er al was. Dit moest ik even kwijt.

Het strand van Puerto Naos waar we afgelopen donderdag om een uur of vier waren. Rustig. Iedereen neemt 4 stokjes uit een bak waarmee je je eigen stukje strand kunt afbakenen. Dat werkt prima en per ‘stuk strand’ staat aangegeven hoeveel mensen er mogen liggen. Er liep ook iemand rond die er toezicht op hield. Overigens zie je hier het calima-effect goed. Het is niet mistig of bewolkt, maar dit is Sahara-stof dat in de lucht zit.

En dit is mijn eerste stuk mozaïek, ingevoegd en klaar. Best trots op eigenlijk, alhoewel sommige voegen wat breed zijn. Voor het tweede deel moet ik daar beter op letten.

In Fase 2 – Toch weer naar de Tajinastes– Vivero Insular

In Fase 2 – Toch weer naar de Tajinastes– Vivero Insular

We zitten nu een week in Fase 2 van de desescalada. Dat betekent dat we weer met groepen van maximaal 15 personen mogen samenkomen, de stranden zijn weer geopend, restaurants mogen ook binnen weer gasten ontvangen met 40% capaciteit en ook de grotere winkels (boven 400 m²) en winkelcentra zijn weer open. Wel moeten er mascarillas gedragen worden in openbare binnenruimtes en als het niet mogelijk is om een afstand van 2 mtr aan te houden dan ook buiten.

Helaas zijn er de laatste dagen weer een paar covid-19 besmettingen bijgekomen na geruime tijd zonder nieuwe ‘casos positivos’. We zijn er nog niet vanaf, ook al doen we het goed met z’n allen op La Palma.

Vorig weekend en het begin van de week was het erg warm op La Palma, calima-temperaturen van boven de 30°C. Daarom besloten we onze ochtendwandeling (nou ja, niet elke ochtend, zo’n 4x per week) wat vroeger te doen dan gebruikelijk. Wekker op 7 uur gezet (slik) en om 7h30 op pad. In plaats van uitzicht over de oceaan hadden we uitzicht op een dik wolkendek onder ons, een ‘mar de nubes’. Bijzonder verschijnsel, we hadden het een paar ochtenden lang. Tijdens onze wandeling, waarbij we constant uitzicht op zee hadden, zagen we het wolkendek omhoogschuiven tot aan het kerkje van Todoque, waarna de wolken oplosten. Bij thuiskomst om 8h45 was alles weg.

Nog een beetje schemerig – de mar de nubes
Het wolkendek is verder omhoog gekomen, we konden er enigszins onder kijken.

Vanaf maandag was recreatief strandbezoek weer toegestaan. Dus wij meteen maandag einde van de middag op pad. Maar wat een deceptie. Op het strand van Tazacorte werd nog gewerkt met bulldozers om het zand weer netjes te maken. Het strand van Puerto Naos was afgesloten, er was een woud van paaltjes in het zand gezet, om aanloop- en vertrekroutes te maken en het strand werd in vakken verdeeld, benieuwd hoe dat er uiteindelijk uitziet. Op Charco Verde werd niet gewerkt maar het was wel afgesloten. Bij La Bombilla werd gezwommen, alleen is daar geen strand, moet je via een soort van roestig ijzeren hek dat in het water ligt het water in en uit. Niks voor mij. Karel heeft wel gezwommen en genoten. Ik hield het bij een drankje bij Cocomar, dat weer geopend was. Het water is altijd super helder in La Bombilla. Intussen hebben we begrepen dat alle stranden weer open zijn. Het stadsstrand van Santa Cruz en ook Bajamar zag eruit zoals altijd, geen paaltjes of vakken. Toch een stuk gezelliger om te zien.

Zwemmen bij La Bombilla

Het is weer agapanthus tijd, ze bloeien welig in onze tuin, echt mooi.

Prachtig blauw.
Avondlicht, met de bergen op de achtergrond.

Nog mooier zijn de bloeiende Tajinastes op de Roque de los Muchachos in mei/juni, nu dus. We zijn er al twee jaar achter elkaar naar toe gereden en waren het dit jaar daarom niet van plan. Uiteindelijk konden we de verleiding toch niet weerstaan en zijn we zaterdag naar boven gereden. Het was tenslotte een feestdag, Día de Canarias. Ze zijn zo bijzonder, magisch mooi. De Tajinaste groeit alleen op La Palma en Tenerife, boven de 2.000 mtr hoogte. Je moet er dus wel wat voor doen om ze te zien. Allereerst goed in de gaten houden wanneer ze bloeien, want voor je het weet is het alweer voorbij, en dan de lange rit naar de Roque maken. Dat maakt het voor mij eigenlijk extra bijzonder. Ik word er echt helemaal stil van, als ik daar tussen de manshoge stengels sta, vol met kleine paarse bloemetjes, met het groen van de pijnbomen eromheen, de strakblauwe lucht erboven en de oceaan overal rondom zichtbaar. Nu overigens niet, want er hing bewolking onder ons.

Kleurenpracht in de natuur.

Jammer genoeg was het laatste stukje weg naar de top van de Roque tussen de sterrenwachten nog afgesloten vanwege corona, dus moesten we ons ‘behelpen’ met het uitzicht vanaf de mirador Los Andenes. Wat ook geweldig mooi is overigens, zelfs met een dik pak wolken onder ons.

De toppen van de Cumbre komen boven de wolken uit.
Aan de andere kant van de weg bij Los Andenes.
De diepte van de Caldera verdwijnt in de wolken.

Langs de oostkant zijn we weer afgezakt richting Santa Cruz, daarbij 5 klimaatzones doorkruisend met geweldig mooie vegetatie onderweg. Afgesloten bij de Thai op het strandje van Bajamar. Simpel maar lekker.

En afgelopen week zijn we naar de Vivero Insular in Puntallana geweest. Karel moest en zou zijn drago’s kopen. Dat is gelukt. En wat leuk was het daar! Geen toeters en bellen, gewoon een aantal bedden met autochtone planten. Een super-enthousiaste jongen, die ons alles liet zien en veel vertelde over de planten. En er waren drago’s. Vrij grote, van 25 euro per stuk. Toen hij onze bedenkelijke blik zag, zei hij dat hij even met de ‘jefe’ ging overleggen. Toen hij terugkwam wees hij ons op een rijtje met kleinere, die waren 3 euro per stuk. ‘Kijk, nou gaan we praten’, het betere werk. Toen kwam de vraag hoeveel stuks. Karel wilde er 10. Volgens mij veel te veel voor het stukje grond dat wij ervoor bestemd hebben en volgens de chico, die we een foto van het grondstuk lieten zien, ook. Ik wilde er maar 6. De chico volgde de discussie met veel belangstelling. ‘Normalmente, las mujeres mandan’ zei hij. Normaliter hebben de vrouwen de leiding. Maar Karel geeft zich niet zo snel gewonnen in een discussie. Dus na een minuut of 5 van gesteggel, kwamen we op het compromis van 8 uit. Dus, aldus Karel tegen de chico, zullen wij binnenkort het eerste dragobos van Los Llanos hebben. Hij beloofde te komen kijken. Heb hem geadviseerd dat over een jaartje of 20 misschien eens te doen, haha.

De vivero.
Ondanks dat we buiten waren en er verder niemand was, werd ons toch gevraagd of we een mondkapje op wilden doen. Dat hebben we dus maar braaf gedaan.
Ook Canarische palmen in overvloed.
Een deel van onze buit.

Maar natuurlijk kochten we ook nog wat andere planten: een paar Tajinastes. Nee niet die van de Roque, maar Tajinastes de la zona costera, voor de kuststreek. Niet zulke grote als die op de Roque, maar ook heel mooi, blauw en wit. Dan Guaidil met witte bloemen. Tabaiba Dulce – wolfsmelk. En Canarische lavendel. In totaal 16 planten en we betaalden 40 euro. Karel wil volgende week terug 😊.

Lavandula Canariensis
Tajinaste zona costera blauw
Tajinaste zona costera wit
Tabaiba Dulche – wolfsmelk
Guaidil

Allemaal planten die, eenmaal geworteld, echt nauwelijks water nodig hebben en dat moeten we hebben. In de tuin rondom ons huis en de appartementen hebben we geweldig mooie planten staan, maar het grootste deel daarvan moet regelmatig bewaterd worden. Voor de overige delen van het terrein willen we alleen autochtone planten die geen bewatering nodig hebben. Zeker ook gezien de watersituatie op het eiland, die echt nijpend begint te worden. We hoorden deze week van een bekende dat er in El Paso in de afgelopen week gedurende 2 nachten geen water was tussen 12 en 6 uur. En dan moet de zomer nog beginnen.

Voor de komende week is, door sommige voorspellers met grote stelligheid, behoorlijk wat regen aangekondigd. Regen in juni, dat is echt heel ongewoon, maar wat zou het mooi zijn als het klopt. Laten we het hopen !

In fase 1 van de desescalada – Dragobos project gaat door

In fase 1 van de desescalada – Dragobos project gaat door

Intussen zijn we aanbeland in fase 1 van de ‘desescalada’. In deze fase mogen we weer samen boodschappen doen waar we willen, met de auto het hele eiland over en mogen alle winkels onder de 400 m² weer open. Ook cafés en restaurants mogen weer open, maar dan alleen nog het terras en met 50% bezetting. In de praktijk blijven echter nog aardig wat winkels gesloten vooralsnog en heel veel cafés en restaurants eveneens. Dat is ook begrijpelijk, want met 50% van je capaciteit alleen op het terras zijn de kosten vaak hoger dan de baten. Vanaf fase 2, als alles goed gaat gaan we op 25 mei door naar die fase, mogen er ook binnen weer gasten ontvangen worden, 50% van de capaciteit, dan zullen er zeker meer openen. Maar aan de boulevard van Puerto Naos is echt alles nog dicht. Ook in Tazacorte Puerto is zo goed als alles gesloten en of ze daar zo snel weer open gaan?? Toeristen zijn hier de belangrijkste klanten en die zijn er niet. Het is triest om te zien hoe doods en uitgestorven het daar is momenteel.

Lastig is dat je nergens meer naar het toilet kunt als je in de stad bent. Wij hadden maandagochtend een hele lijst met boodschappen af te werken en op een gegeven moment was een bezoekje aan een toilet wel noodzakelijk. Maar helaas, toiletten bij de Lidl afgesloten, in de parkeergarage dicht, Trocadero-toiletten dicht en ook het café waar we koffie dronken had de ‘servicios’ afgesloten. Wildplassen dan maar? Liever niet (ik niet tenminste, dat is niet mijn ding), naar huis geracet en net op tijd gered, pfffff …

Het bakken gaat overigens gewoon door. De tuinafval-container-man vertelde ons dat hij behalve in containers ook iets in de bananen doet (zoals vele anderen hier), waarop Karel natuurlijk een beetje begon op te scheppen over zijn heerlijke bananencake. Dus stond hij afgelopen week aan de deur met een enorme tros bananen, zo’n 60-70 stuks, met de melding dat hij dan wel die ‘bizcocho famoso’ van Karel wilde proeven. Dus zijn er intussen alweer drie gebakken, één voor de gulle gever, één voor de dartclub (zijn we vrijdagmiddag ook weer mee begonnen) en één voor ons bezoek van zaterdagochtend. Nog wat bananen weggegeven en we zijn er alweer bijna helemaal doorheen.

De eerste bananencake is in de maak.

Nu we weer de deur uit mogen, kan Karel verder met zijn dragobos. Van Ito, onze tuinman, hadden we een tip gekregen dat er in Puntagorda een adres is waar we grotere drago’s kunnen kopen tegen schappelijke prijzen. Dus wij woensdag naar Puntagorda gereden, in de veronderstelling dat we bij een soort van tuincentrum terecht zouden komen. Vooraf gebeld, de eigenares, een Zwitserse dame, zou ons bij het benzinestation in Puntagorda om elf uur opwachten, want anders zouden we het niet vinden. Dat werkte prima, ze was er op de afgesproken tijd. Achter haar aan gereden naar haar ‘tuincentrum’. Bleek dat ze een enorm terrein gekocht heeft van een Duitser met daarop de restanten van wat ooit een drago- en palmenkwekerij is geweest, in behoorlijk verwaarloosde staat.

In de drago-jungle.
Enig achterstallig onderhoud.

Maar die ‘restanten’ bestonden uit een ongelofelijke hoeveelheid drago’s, echt een oerwoud aan drago’s van verschillend formaat, allemaal in kuipen vol met onkruid eromheen en deels al door de bodem van de kuip geworteld in de aarde. Ook palmen stonden er, waarvan veel de ziekte hebben die hier helaas onder de Canarische palmen heerst en die er niet zo best aan toe waren. Uiteindelijk hebben we niks gekocht, want zo groot hadden we ze ook weer niet bedoeld en met een prijs van 100 euro per stuk (op zich niet duur voor dat formaat drago’s, maar Karel wil er zo’n 8 à 10 hebben) en dan nog het vervoer (want loodzwaar in die kuipen, snel 150 kilo volgens de verkoopster, dus zelf vervoeren is geen optie) zou dat toch een dure grap worden voor een klein stukje tuin. Niet dus. De bedoeling van de Zwitserse dame is om op het terrein een paar hele luxe vakantiehuizen te bouwen, maar hoe ze ooit van al die bomen af komt, is nog een hele kwestie. Daar had ze zelf ook wel een hard hoofd over in.

Palmen in kuipen vol onkruid.
Het hele terrein vol met palmen en drago’s.
Ga er maar aanstaan, als je deze loodzware kuipen moet verplaatsen.

Maar goed, omdat we toch in Puntagorda waren, gingen we maar even langs bij de Coop. Daar zouden de echte Nederlandse beschuiten verkocht worden en wat is er nou lekkerder dan een beschuitje met roomboter en hagelslag? Geen idee hoe een beschuit in het Spaans heet, dus aan de dame in de winkel gevraagd naar ‘una especie de pan tostado redondo’. Ze wist meteen waar ik het over had. Ah sí, en un paquete redondo. In een ronde verpakking. ‘We hebben ze gewoon en ook bio. Maar helaas zijn ze momenteel uitverkocht. Ze zijn steeds heel snel weg en ik krijg ze maar af en toe’. Grrrrr, welke Nederlanders kapen ze voor onze neus weg?? Eéntje kennen we er trouwens wel, denk ik, zal geen namen noemen 😉 . De volgende keer moet ik misschien maar meer bestellen, bedacht de Coop-dame. Maar jammer genoeg komen we niet zo vaak in Puntagorda, dus ik zal ze wel uit NL moeten meenemen. De hagelslag voorraad is overigens ook uitgeput. De aanvoer is abrupt stilgevallen in deze tijden van corona.

Toen we de Coop verlieten, kwam toevallig net tuinman Ito langsgereden. Hoe klein is de wereld op La Palma. We vertelden hem over ons bezoek aan zijn drago-dame. En dat we nu toch maar op zoek gaan naar wat kleinere exemplaren. Toen gaf hij ons de tip dat in Puntallana, in het oosten van het eiland, de vivero – kwekerij – van de Cabildo Insular zit, waar alleen autochtone planten gekweekt worden en waar we zeker ook kleine drago’s zullen vinden. Dus volgende week nieuwe poging en gaan we naar Puntallana.  Het was overigens koud in Puntagorda, grijs, 15° en wat miezerige regen. We hadden gedacht door te rijden naar Garafía, maar het weer nodigde niet echt uit, dus toch maar snel terug naar huis, waar we 22° en zon aantroffen. Nu ik dit schrijf, op zondagochtend, is het hier grijs en kil. Waarschijnlijk schijnt nu in Puntagorda de zon, want ergens op het eiland schijnt de zon altijd wel.

Afgelopen week hebben we overigens voor het eerst sinds 8 weken de tank van de auto weer moeten vullen. Nog nooit zo lang met 1 tank gedaan. En voor een superlage prijs ook nog. In Puntagorde was de prijs overigens nog zo’n 7 cent lager, daar baalde Karel goed van. De brandstof is altijd een stuk goedkoper in Puntagorda dan in het Aridanedal, maar dat is net even te ver weg voor ons helaas.

Schappelijke prijs.

En vrijdagavond weer voor het eerst sinds lange tijd buiten de deur gegeten. We waren uitgenodigd ivm de verjaardag van een vriendin. Met z’n zevenen waren we, je mag met max. 10 personen samen vertoeven. We aten bij de Italiaan op het pleintje achter de kerk van Todoque, espaguetis con mariscos, zeevruchten, heerlijk. Er zaten nog enkele groepjes en hoewel er een fikse wind stond die helaas niet ging liggen, was het super om weer met vrienden te eten en wat reuring om ons heen te hebben.  Vanavond eten we met een groepje bij Finca Flora, een vegetarisch huiskamerrestaurant vlakbij huis. Hopelijk trekt het weer bij, want er moet buiten gegeten worden en anders moet ik m’n winterjack nog uit de kast gaan opvissen.  Maar hoe dan ook, we mogen weer! Het is feest tralala, we hebben wat in te halen!

Aan het apéro.
Spaghetti met zeevruchten, aanrader.
Mmmmmmmm

Nog even terugkomend op de drago’s, we hebben er al wel enkele staan in onze tuin. Die zijn vermoedelijk zo’n 20 jaar oud en doen het goed:

Op het terras naast ons huis.
Bij het pad naar de beneden-ingang.
Bij het lager gelegen privé terras.
Bij het zonnehoekje met de stoelen van Paco.
Deze hebben we zelf geplant, zo’n anderhalf jaar geleden. Een jonkie nog dus.

De weg terug naar ‘het nieuwe normaal’ is begonnen – verjaardag in confinamiento

De weg terug naar ‘het nieuwe normaal’ is begonnen – verjaardag in confinamiento

Na 7 weken confinamiento zijn vanaf vandaag de eerste kleine stapjes terug naar het ‘normale’ leven ingezet. Dat betekent dat het nu 1x per dag toegestaan is om te gaan wandelen buiten je eigen terrein en binnen een straal van 1 km vanaf je huis. Dat houdt nog niet over, maar het is een begin en daar zijn we al blij mee. Als je individueel sport (en daartoe wordt wandelen dus niet gerekend), bv hardlopen of fietsen, dan ben je niet gehouden aan die ene kilometer, maar je moet wel binnen de gemeentegrenzen blijven.

Binnen de grotere gemeentes (dat is hier op La Palma vanaf 5.000 inwoners) is de dag verdeeld in tijdzones, om te voorkomen dat er te veel mensen tegelijk de straat op gaan. Er zijn 3 groepen: kinderen onder de 14 jaar, ouderen boven de 70 jaar en alles wat daartussen zit. Daar horen wij bij. En ook al wonen wij in absoluut buitengebied, 7 km van ‘de stad’, het is wel gemeente Los Llanos, dus mogen we alleen de deur uit tussen 6 en 10 uur en tussen 20 en 23 uur.

Vanochtend zijn we een uur naar buiten geweest. En het was druk op de Camino Campitos, de weg beneden langs ons huis. Héél veel fietsers en ook kwamen we zo’n beetje alle buren tegen. Met wie we eigenlijk niet mochten praten, want stilstaan is verboden. Maar dat hebben we toch wel heel eventjes gedaan, op afstand natuurlijk. Het was lekker om even van huis weg te zijn, maar spectaculair was het ook niet echt, zo’n rondje van maximaal een kilometer ver. En ik ben intussen zo gewend aan mijn dagelijkse rondjes op en af door de tuin, dat ik overweeg om ze vanmiddag toch nog maar even te doen. Het is veel inspannender dan het rondje wandelen rond het huis, het voelt goed als ik nadien bezweet en met een rode kop aan de koffie zit. Is het toch nog ergens goed voor geweest, deze gedwongen insluiting, haha.

We kijken vooral uit naar 11 mei, en dat is al best snel, dan mogen we (als alles goed gaat) weer met de auto op pad, het hele eiland over, en écht gaan wandelen. Dan mogen de kleinere winkels weer open en de restaurants/cafés. Wel hoorden we dat sommigen overwegen om nog niet open te gaan, de eerste twee weken mag alleen het terras open en dan maar met 30% capaciteit. Voor velen is het zinloos om zo open te gaan, je kunt nauwelijks klanten ontvangen maar hebt wel veel kosten en men is bang het recht op ondersteuning te verliezen omdat je weer open bent. Eind mei is gepland dat de horeca zowel binnen als buiten open mag voor 30% en dan 8 juni wordt dat 50%. Vakantiewoningen mogen weer open vanaf 11 mei, maar dat is een wassen neus, we hebben er niks aan, want er is geen enkele toerist op het eiland en dat zal nog een behoorlijke tijd zo blijven. Ook al zal in de zomermaanden binnenlands toerisme toegestaan zijn, dan verwachten we daar bijzonder weinig van.

In de verkeerde volgorde neergezet, maar het was al lastig genoeg om ze zover te krijgen.

Vorig weekend was mijn verjaardag. Een rustige dag, maar toch bijzonder door dit alles. Deze verjaardag zullen we niet snel vergeten. Een feestje geven zat er natuurlijk niet in, maar om een uur of negen hoorden we wat geroezemoes op de trap omhoog vanaf de benedenpoort. Kwamen twee vriendinnen die de honden aan het uitlaten waren snel even omhoog gelopen. De honden hadden een bordje om hun nek hangen, één met ‘Happy’ en de ander met ‘Birthday’ erop. Alleen vonden ze het zelf minder leuk. Anton, de ‘birthday’ hond, liep enorm met z’n kop te schudden om dat rotding van zijn nek te krijgen. En Kyra, de ‘happy’ hond, schoot meteen onder tafel. Met pijn en moeite hebben we ze naast elkaar gekregen voor een foto.

Kyra was duidelijk bijzonder unhappy met de omstandigheden 🙂

Een uurtje later kreeg ik een appje van de bovenburen dat ze iets aan de poort hadden gehangen voor mijn verjaardag. Echt hartstikke leuk en lief allemaal.

’s Middags hebben we heerlijk samen in de zon geluncht. Natuurlijk mocht ik kiezen wat we aten, zoals dat nu eenmaal hoort als je jarig bent. En hoewel wij inmiddels behoorlijke flexitariërs zijn geworden, we eten minder en minder vlees, had ik enorme zin in een mooie biefstuk van de haas. Aldus geschiedde. Prachtige solomillo gehaald, groene pepersaus gemaakt en een aardappel-knoflook gratin. Rucola/veldsla salade erbij met gecarameliseerde rode ui, pijnboompitjes en geschaafde parmezaan en als toet limoen-chocolademousse met een grote dot slagroom. Gesmuld! Door de dag heen heel veel getelefoneerd, geskyped en geappt. Karel had nog een appel-roomtaart gebakken voor bij de koffie, waarvan ook weer stukken naar de buren zijn gegaan. Prima verjaardag zo.

Verjaardagslunch!
De appel-roomtaart.

En het ontginnen van ons terrein is doorgegaan. Er lag inmiddels een enorme berg met tuinafval bij de benedenpoort. Een Palmero uit de buurt, die een bedrijfje heeft ‘servicios agrícolas y jardinería’, was al een paar keer langsgekomen om zijn diensten aan te bieden. Donderdagmiddag is hij gekomen met een kleine vrachtauto. Na twee ritten was nog lang niet alles weg, het was meer dan wijzelf en ook hij gedacht had en het zou dus ook meer in de papieren gaan lopen om alles weg te krijgen.

Berg tuinafval.

Toen stelde hij voor om een container neer te zetten die wij dan zelf konden vullen. Hij heeft hem donderdagavond nog neergezet. Dan kunnen jullie elke dag wat doen en dan bel volgende week maar wanneer hij vol is, zei hij. Maar dan kent hij Karel nog niet. Die is vrijdag begin van de middag aan de slag gegaan. Ik zou eerst het huis schoonmaken (beuh, maar moet nu eenmaal ook gebeuren) en hem daarna helpen. Maar een paar uurtjes later was de container vol, ik heb nog net een half uurtje mee kunnen werken. Overigens is nog steeds niet alles weg. Maar datgene wat rest is te weinig voor nog een container. Geeft niet, er zijn nog veel meer stukken terrein te ontginnen …..

De gevulde container wacht op afhalen.

En nog wat baksels van de afgelopen dagen.

Appel-jachtschotel, lekker !
Zelf eierkoeken gebakken. Heerlijk, maar volgende keer laat ik ze ietsje bruiner worden.

En we hebben een afspraak bij de kapper! Het is nodig, maandag ga ik en dinsdag Karel.

Dartkampioen en Corona, what else ……

Dartkampioen en Corona, what else ……

Al mijn collega-bloggers hier op La Palma hebben het er al uitgebreid over gehad, dus erg veel heb ik er niet meer aan toe te voegen. Maar voor degenen die dat niet allemaal lezen, een kleine update. Op donderdag zijn op La Palma de eerste 2 gevallen van Corona geconstateerd. Twee Italianen, die op het eiland wonen, maar in Italië op vakantie geweest zijn. Inmiddels zijn het er geloof ik 5. Sinds gisteren mogen we (in heel Spanje overigens) niet meer de straat op, alleen nog om boodschappen te doen (individueel, niet met z’n tweeën) of in noodgevallen. Hond uitlaten mag, maar ook individueel. Alleen winkels voor de eerste levensbehoeften zijn nog open, verder is alles gesloten, winkels, cafés, restaurants, zwembaden, strand, sportclubs, etc. etc. Vooralsnog voor 15 dagen. Al onze reserveringen (en die van iedereen die in de toeristische sector werkzaam is) zijn voor de eerstkomende weken geannuleerd en het is de vraag hoe het verder gaat. Het lijkt of we in een soort van science fiction film beland zijn, maar dan zonder Brad Pitt of George Clooney. Wat een gigantische impact heeft dit alles en wat een schade brengt het toe aan de economie. Laten we hopen dat we dit met z’n allen goed doorkomen.

Karel heeft vanochtend boodschappen gedaan. Het ging er rustig en gedisciplineerd aan toe. Klanten werden beperkt toegelaten, om te voorkomen dat er te veel mensen gelijktijdig in de winkels zijn. Er stonden dus rijen met wachtenden, maar ging toch redelijk vlot volgens Karel. Geen boodschappenkarretjes of wel karretjes maar dan werden plastic handschoenen verstrekt. Gehamsterd wordt er (tot nu toe) niet echt, in ieder geval niet zoals in Nederland. Enkele schappen leeg van wat houdbare producten, pallet met toiletpapier wat lager dan gebruikelijk, maar niets alarmerends. Verse producten waren normaal verkrijgbaar.

In de rij in de parkeergarage van de Lidl.
Plastic handschoenen werden aangereikt bij het binnengaan van de winkel.

Toch sta ik ook weer versteld van de creativiteit die loskomt op de social media wat betreft humor en satire. Soms ronduit smakeloos, maar heel vaak eigenlijk heel grappig en spitsvondig. We moeten tenslotte toch ook een beetje blijven (glim)lachen.

Voor de liefhebbers van ‘Lord of the Rings’.

Dan gaf ik in het vorige bericht al aan dat ik een kampioen in huis heb. Jawel. We hebben met een man/vrouw of 16 een dartclubje hier op het eiland. Elke twee weken wordt er op vrijdagmiddag gespeeld (nu dus tot nader order niet meer), bij twee van de leden thuis die een grote garage hebben. En dat is supergezellig. De grote leider en oprichter is Paul, een hele goede darter, die in Nederland op behoorlijk hoog niveau gespeeld heeft. We hebben in de afgelopen maanden een competitie gespeeld, 1x tactics spelen tegen alle andere leden, de beste uit 3 sets won. En Karel heeft de competitie gewonnen en is nu in bezit van de mooie wisseltrofee. Gemaakt door Paul, die behalve dat hij heel goed kan darten, ook twee rechterhanden heeft en alles kan maken wat hij bedenkt.

De La Palma wisseltrofee
And the winner is …..
De score van Karel was niet meer in te halen door Juan. Let op ‘the flying dart’!

Ikzelf ben ergens halverwege geëindigd, waar ik eigenlijk heel tevreden over ben, gezien het feit dat ik voorheen nog nooit een dartpijl had aangeraakt. En, een erg vermeldenswaardig feit, Karel heeft niet veel wedstrijden verloren, maar ik ben erin geslaagd hem in de competitie te verslaan, met 2 – 1 ! 🤩🤩 De nieuwe competitie, die van start gaat zodra we weer mogen, wordt in paren gespeeld. Nieuwe uitdaging dus.

Er werd aangemoedigd. Ok, op deze foto even wat minder.

Dan heb ik in de tussentijd een baan gehad, die ik inmiddels alweer kwijt ben. Een vriendin van mij heeft in Los Llanos een winkel in badkleding. We hadden al afgesproken dat ik in mei, als ze 2½ week met vakantie gaat, de winkel voor haar zou ‘doen’. Maar 2 weken geleden belde ze me op vrijdagmiddag op dat ze vanwege familieomstandigheden acuut naar Duitsland moest. Of ik tijd had om in de winkel te staan. Het is (was intussen) hoogseizoen hier, sluiten zou haar heel slecht uitkomen. Dus op vrijdagavond naar Los Llanos gereden, waar ik een spoedcursus ‘bikini’s verkopen’ kreeg, op zaterdagmiddag haar naar het vliegveld gebracht en op maandagochtend lichtelijk onwennig de winkel opengedaan, rekken en paspoppen etc. buiten gezet en hup daar gaat ie.

De eerste dag helemaal niets verkocht 😱 en de tweede dag maar heel weinig 🙀🤔. Oh jee, ze had beter kunnen sluiten dan mij erin te zetten, dit kost haar alleen maar geld ….. Maar op dag 3 ging het opeens lopen en uiteindelijk heb ik een hele goede week gedraaid. Ik vond het leuk om te doen, eens kijken hoe het in mei gaat. Als alles dan tenminste weer enigszins genormaliseerd is. Want de winkel is nu dus ook verplicht dicht. Voor kleine ondernemers, waarvan er veel zijn op La Palma, is dit echt een ramp.

Take care allemaal, blijf gezond en optimistisch !

Hoe zouden wij eraan toe zijn na 2 weken ??
Serieuze calima – Het Los Indianos feest

Serieuze calima – Het Los Indianos feest

Afgelopen weekend overdekte een enorme calima de Canarische Eilanden met een dikke laag stof en heel veel wind. Verschillende bananen- en avocadoplantages liepen serieuze schade op, een muur langs de weg van Puerto Naos naar El Remo kwam naar beneden op een rij auto’s, de vliegvelden op de eilanden waren gesloten, diverse carnavalsactiviteiten werden afgelast en buiten vertoeven was, vooral op zondag, bijzonder onaangenaam. Het enige wat je kon doen was ramen en deuren gesloten houden en binnen blijven. Tegen het einde van de middag moest ik er toch echt even uit, dus zijn we naar Puerto Naos gereden. Meestal is het aan de kust het beste vol te houden tijdens een calima, maar deze keer was het daar niet heel veel beter. Zo goed als alle terrassen waren gesloten, alleen Las Olas was open, en op het strand en de boulevard was het bijzonder rustig. Dus maar snel weer naar huis gegaan, terug naar binnen.

Mist, zou je zeggen.
Dit is het uitzicht normaliter.

Woensdag werd het beter, de wind was weg en ook het stof was zo goed als verdwenen. Toen konden we buiten aan de slag, alles was overdekt met een laag fijn zand/stof. Dus alle tuinmeubels afgespoten, evenals de terrassen, ramen en vensterbanken, parasols, auto, etc. Inmiddels is alles weer back to normal, behalve dan dat we nog altijd geen regen gehad hebben.

We konden schrijven op de vensterbanken.
En als er dan ook nog enkele regendruppels vallen terwijl het zand stormt, dan krijg je dit op je pas gewassen ramen.

Zoals ik al schreef, zijn door de calima diverse carnavalsactiviteiten gecanceld. Het ‘Gran Polvacera’ feest in Los Llanos kon zaterdagmiddag nog gewoon doorgaan. Voorspeld was dat de wind zaterdagavond rond 9 uur zou losbarsten en dat gebeurde ook precies zo. Tot die tijd hoorden we de muziek van het feest, dat normaliter tot in de kleine uurtjes doorgaat, bij ons op het terras, 7 km verderop. Maar rond een uur of negen was het opeens stil. Alles afgelast vanwege de wind. Ook de optocht die op dinsdag om 17 uur in Los Llanos zou plaatsvinden werd vanwege de harde wind gecanceld. Maar gelukkig ging het grote Los Indianos feest in Santa Cruz op maandag wel door. Er was wel calima, maar in Santa Cruz gelukkig weinig wind, dus geen beletsels.

Het Los Indianos feest wordt altijd op carnavalsmaandag gevierd in Santa Cruz de la Palma. In de vorige eeuw zijn veel arme Palmero’s naar Latijns-Amerika, met name Cuba, geëmigreerd. Nadat ze er fortuin gemaakt hadden, zijn velen ook weer teruggekeerd naar hun thuisland, pronkend met hun succes en rijkdom. De emigranten werden ‘Indianos’ genoemd.

Sjiek en stijlvol, volgend jaar voor mij ook zo’n mooie jurk 🙂 !

Het feest is een parodie op deze emigranten, hun bombastische terugkeer wordt nagespeeld. Essentiële elementen van het feest zijn Caribische muziek, (veel) rum en de kleur wit. Het ‘wit’ overspoelt de hele stad, natuurlijk door het strooien met talkpoeder (hierover hieronder meer) maar vooral door de kleding. “Indianos” dragen wit, crème of beige. En dan natuurlijk hun beste kleding. De dames elegante jurken met kant, hoeden, waaiers, parasols en veel sieraden. De mannen witte of beige kostuums, Panamese hoeden, gouden horloges … Ook koffers vol sigaren, juwelen, geld zijn heel gebruikelijk … En degenen die het helemaal gemaakt hebben, worden vergezeld door Creoolse bedienden.

Een paar ‘bedienden’
En gedanst wordt er.
Dikke sigaren horen er ook bij.

Over bedienden gesproken, hier komt de beroemde “La Negra Tomasa” (ja, dat mag hier (nog), geen mens die erover valt) erbij. Een essentiële figuur in alle Indianos-vieringen. La Negra Tomasa is de ambassadeur bij uitstek van het Los Indianos feest. De Plaza de España in Santa Cruz wordt die dag omgedoopt in de Plaza de Havana.

De enige echte Negra Tomasa, al jaren gespeeld door dezelfde man, Sosó geheten.

Over het strooien van talkpoeder: het verhaal gaat dat er een scheepslading meel was aangekomen in de haven van La Palma, die van slechte kwaliteit was en daardoor bleef staan. Toen is men met het meel gaan gooien ter verhoging van de feestvreugde. Het is een vast onderdeel van het Indianos-feest geworden, iedereen gaat voorzien van een bus talkpoeder op pad. Nietsvermoedende toeristen die zich niet aan de witte dresscode houden, kunnen erop rekenen de volle laag te krijgen. Ook als je er nog erg schoon uit ziet, ben je een gewild slachtoffer. Dus beter is om jezelf al een beetje te voorzien van poeder op armen en schouders. Persoonlijk vinden wij dat wat minder, het stinkt, een vreselijk kunstmatig luchtje, en is bijzonder ongezond lijkt ons.

Poeder, poeder, poeder.
Winkels plakten alle kieren af met tape, heel verstandig.

Vanuit heel Spanje en andere landen komen mensen op dit feest af. Santa Cruz telt normaal een kleine 20.000 inwoners. Tijdens El Día de Los Indianos vertoeven er zo’n 70.000 feestvierders in het stadje. Dit jaar waren het er overigens wat minder, doordat vanwege de calima het vliegveld gesloten was en veel geplande extra vluchten niet door konden gaan.

Voor ons was dit de eerste keer dat we het meemaakten. Vorig jaar hadden we aankomers en konden daardoor niet weg. Maar nu wel. Met een clubje van een man of 10 zijn we erheen gegaan. Van diverse mensen hadden we gehoord dat het het leukste is om ’s ochtends te gaan en dan in de loop van de middag weer weg, voordat je over de koppen kunt lopen en er veel dronken volk gaat rondlopen. Er rijden de hele dag bussen heen en weer tussen Los Llanos en Santa Cruz, maar Karel wilde beslist zelf rijden. Hij had er namelijk een hard hoofd over in of hij het wel zo leuk zou vinden, al dat talkpoeder en dan ook nog die drukte …….. En ik had er een hard hoofd over in of we überhaupt wel een parkeerplek zouden vinden. Maar dat bleek geen enkel probleem te zijn, we zijn over Las Nieves bovenlangs de Avenida del Puente ingereden en konden zo de parkeergarage in. Volop ruimte daar en meteen midden in de stad, beter kon niet. Eerst een terras opgezocht om koffie te drinken en toen door richting haven voor de intocht van la Negra Tomasa en haar gezelschap. Helaas zijn we te lang blijven zitten voor de koffie, want de boot was al aangekomen en de stoet kwam het haventerrein alweer af. Daarna via de Plaza de España alias Plaza de Havana, waar vanaf 10 uur al een band speelde en het druk maar nog niet te druk was, door de stad naar de Plaza de la Alameda (waar de replica van de Santa María ligt, de boot van Columbus). Daar zijn we blijven hangen, het was echt geweldig leuk, er stond een band à la Buena Vista Social Club en de sfeer was super. In de loop van de middag weer naar huis, waarbij ik nog wel getwijfeld heb om langer te blijven. Maar de keuze tussen het gemak van in de auto stappen of later met een bus terug, viel toch in het voordeel van de auto uit.

De hele club min twee.
Tof stelleke.
Er werden ook serieuze gesprekken gevoerd.
De chicas …
en de chicos

Nog twee ‘nieuwsflitsen’: vanaf maandag heb ik er een tijdelijke baan bij. En sinds vrijdagmiddag heb ik een echte kampioen in huis, hij heet Karel. Maar daarover in het volgende bericht meer, het is al lang genoeg zo.

En een beetje Nederland op La Palma.