Geen fluit gedaan maar toch steeds bezig geweest

Geen fluit gedaan maar toch steeds bezig geweest

De ‘bezoekmaand’ zit er bijna op. Morgen vertrekt Christian, voorlopig onze laatste gast, ook weer naar Frankrijk. Het is ontzettend gezellig geweest de afgelopen weken, maar nu is het goed dat de rust weerkeert. Voorlopig even geen bezoeken meer aan de Roque de los Muchachos, de Poris de Candelaria, het wijnmuseum, de San Antonio vulkaan, de Salinas, etc. etc. Het blijft allemaal even mooi, maar nu even een pauze is ook wel lekker.

De eerste week met onze Nederlandse vrienden was het heerlijk warm, zomers weer. Genieten. Daarna echter hebben we anderhalve week ontzettend veel wind gehad, echt veel wind, wat het buiten zitten lastig maakte, tenzij je een helemaal beschut plekje zocht. Daar ben je op een gegeven moment wel helemaal klaar mee eerlijk gezegd. Zelfs bij onze favoriete kiosko’s aan de kust was het winderig, waren parasols kapot gewaaid en was het ’s avonds eigenlijk op het randje van nét wel of nét niet buiten eten. Ook af en toe wat regen gehad, hoewel niet echt regen van betekenis. Dat is dan wel weer jammer, want dat kunnen we heel goed gebruiken. Onze Franse vrienden hebben daardoor wat minder stabiel weer gehad. Maar desondanks hebben we alles kunnen doen dat we wilden. Nu is het rustig weer, de zon is terug (meestal) en het is prima ‘Palmees herfstweer’.

Wat hebben we zoal gedaan in de afgelopen weken. Nou, behalve braaf naar Spaanse les en de wisselingen in de appartementen, geen fluit eigenlijk. Vooral reisleiders gespeeld en véél te veel gegeten en gedronken.

Het begon allemaal met een tinto de verano bij La Marmota
een dag later eten bij Azul in El Castillo
mmmmmmmm
Natuurlijk gingen we ook naar Frida, gebak eten.
Het terras was vol, maar binnen zaten we ook prima.
Ontbijt bij Palmerita Café, ook al zo lekker.
Afgezakt naar de Poris de Candelaria
Eten in El Remo bij Kiosko Reme.
Vis eten met onze Franse vrienden bij Kiosko Los Guirres
Het vest was wel nodig.
Doe er nog maar een.
De magnum die Karel bij zijn afscheid van de ‘sapeur pompiers’ kreeg kort voor ons vertrek uit Frankrijk werd nu ontkurkt (en geleegd).
Het moment van ontkurken moet worden vastgelegd.
Restaurant El Balcón in de haven van Tazacorte. Eerste keer voor ons, was niks mis mee maar heeft ook geen onuitwisbare indruk op ons gemaakt. Wel leuk uitzicht.

Op ons terrein staan nogal wat oude, verwaarloosde druivenstokken. Dat kon Georges uit Frankrijk, die zelf ook een grote tuin heeft, mét druiven, niet aanzien. Hij heeft voor ons een begin gemaakt met het snoeien en opbinden. Ons eerste stukje ‘vigne’ is een feit. Volgend jaar zullen we volgens Georges zeker druiven kunnen oogsten. We hebben ons voorgenomen om er zelf mee verder te gaan, want er staan er nog veel meer her en der op het nog ‘onontgonnen’ deel van ons terrein.

Dit stukje is klaar
Ziet er toch perfekt uit zo ?
Opgebonden en gesnoeid, maar hier moet nog wat onkruid weggehaald worden.

Verder waren we nog bij het nieuwe bezoekerscentrum in Todoque ‘Cueva de las Palomas’ en in het piepkleine wijnmuseum, maar daarover een volgende keer meer.

En gisteravond, voorlaatste avond met Christian, genoten we van een mooie Bourgogne

Vanavond laatste avond van Christian, daarom nog een laatste keer (vooralsnog) buiten de deur eten, Tasca Catalina wordt het deze keer. Morgen is het feest voorbij, terug naar het normale leven en nog even trachten de broekriem aan te trekken voordat de kersttijd eraan komt. Dat dreigen ook calorierijke dagen te worden.

In het najaar/winter zijn de zonsondergangen het mooist (vinden wij), omdat er dan vaker wolken zijn en er daardoor een mooier kleurenspel te zien is. Bij een wolkenloze zomerhemel is dat minder het geval. Een paar zonsondergangen ter afsluiting.

Vanaf ons eigen terras.
Aan het strand.
En gisteravond, wederom vanaf ons terras.
Het kopen van een mobiele telefoon op La Palma

Het kopen van een mobiele telefoon op La Palma

Voordat we weer een redelijke hausse aan vriendenbezoek krijgen, nog maar even een bericht schrijven. Het is ook alweer 3 weken geleden, geen tijd gehad om er eerder aan te beginnen.

De afgelopen paar weken hebben o.a. in het teken gestaan van het kopen van een nieuwe mobiele telefoon en, eindelijk, een Spaanse simkaart. Nu zou je zeggen dat dat een redelijk gemakkelijke klus is. Ga een telefoonwinkel binnen en koop een telefoon en simkaart. Zo niet in ons geval. Sowieso omdat wij soms nogal besluiteloos kunnen zijn. En daarnaast gaat eigenlijk bijna niets op La Palma snel. Dat is gewoon zo.

Wij deden nog altijd samen met 1 mobiele telefoon. Ja, ze bestaan nog, dat soort mensen. En dan ook nog steeds met onze Franse simkaart, want die is zo lekker goedkoop. Zelfs nadat SFR Telecom erachter kwam (na bijna een jaar) dat wij toch wel erg veel in het buitenland (lees buiten Frankrijk) vertoeven en het vrije roamingverhaal binnen Europa in ons geval niet meer op ging. Voortaan worden er extra kosten in rekening gebracht, maar desondanks betalen we nog altijd weinig. Maar het kan echt niet meer, samen 1 telefoon delen, dus erop uit. Aangezien Karel geen zin had in een nieuw toestel (want hij is na 4 jaar net gewend aan de Sony 😊) eiste hij die op inclusief Franse simkaart. Dus voor mij moest er een nieuwe telefoon met Spaanse simkaart komen.

Op naar Hola Mobi in Los Llanos. Er stonden wat modellen van Samsung en een voor ons onbekend merk, Xiaomi, en nog wat andere. Maar volgens de uiterst vriendelijke dame, María, konden we beter een dag later na 13 uur terugkomen want dan zouden er véél meer modellen binnenkomen. Dan hadden we véél meer keuze. Hier is het nl. zo dat iets bestellen een hachelijke zaak is. Beter is gewoon te kopen wat er op voorraad is, want voor een bestelling moet je een hele lange adem hebben met het niet geringe risico dat de bestelling nooit komt. Is ons ook al gebeurd met het bestellen van meubels. Ok, dan komen we wel terug. Alleen werd een dag later een paar dagen later, want geen tijd, en toen was de binnengekomen voorraad alweer bijna helemaal verkocht. Ja, we konden echt veel beter twee dagen later na 13 uur terugkomen, want dan zou er weer nieuwe voorraad binnen zijn. Twee dagen later om 13.30 uur waren we er weer. Tja, er is wat vertraging, de levering komt pas einde van de dag……. Dag later om 10.00 uur terug, toen was de nieuwe voorraad er. Dus ik zeg tegen de dame ‘ik ga hier niet meer de winkel uit zonder een telefoon’. Nee dat was geen probleem. Model uitgezocht. Een Xiaomi, een chinees. Wij zijn ongevoelig voor hippe merken en deze was lekker goedkoop en we hadden al van diverse mensen gehoord dat het een prima telefoon is. Provider uitgezocht, fi.network. Helemaal nieuw en gebruikt het Vodafone netwerk dat bij ons een goede ontvangst heeft (ook een issue op La Palma). Prima, doe maar.

Overal was ik op voorbereid, mijn NIE-nummer bij me, paspoort en bankgegevens. ‘Nee nee, ik heb een document van de bank nodig waarop de gegevens van je bankrekening staan. Zo gaat het echt niet. Je moet eerst naar de bank en dan kan ik in de tussentijd de telefoon configureren en alles voorbereiden’ (zelf kon ik dat niet doen, ‘we zijn hier niet in Nederland, op La Palma gaat het anders, ik moet dat voor je doen’). Gelukkig zit de bank vlakbij, dus daarheen. De baliemedewerker wist meteen waar ik het over had en enige tijd later was ik terug met het document. ‘Geweldig, als je nou even wat andere boodschappen doet of koffie gaat drinken, dan bereid ik alles tussendoor even voor’. 45 minuten later terug in de winkel, die helaas was volgelopen, 6 personen voor me. Maar María zag me staan achterin de rij en riep me toe ‘welk abonnement wilde je ook weer, dat weet ik niet meer, dus heb ik het nog niet af kunnen maken’. Die van 7 GB en llamadas ilimitadas (onbeperkt bellen) voor 8,40 euro per maand. ‘Oh ja, nu ga ik dat downloaden, maar dat duurt wel zo’n 20 minuten, internet is hier heel slecht’. Zucht ….. Toch maar wachten, in de tussentijd werden er nog enkele andere klanten naar hun bank gestuurd voor HET DOCUMENT, ik steek het voortaan maar bij me, is belangrijk kennelijk. Afijn, om 10 uur kwam ik de winkel binnen, en om 12.15 uur had ik mijn telefoon geconfigureerd en een werkende simkaart erin. Maar María was helemaal gelukkig want het had heel lang geduurd voordat ze Fi-Netwerk mocht verkopen en nu was ik de eerste klant op La Palma die dat had. En voor cualquier cosa – ongeacht wat – mag ik haar appen of bellen. Dat is ook wat waard toch 😉.

Na dit lange verhaal nog wat foto’s:

Afgelopen zondagavond zat er opeens een uil bovenop een parasol op het terras.

Vlak bij ons, zat hij om zich heen te kijken. Toen hij wegvloog zagen we hoe groot hij eigenlijk was, een enorme spanwijdte van de vleugels. De foto is niet scherp. Met de nieuwe telefoon genomen, maar de handleiding had ik nog niet doorgenomen (60 pagina’s) en ik had de nachtstand voor het fotograferen nog niet ontdekt.

Eveneens afgelopen weekend hadden we eindelijk regen. Na maanden van droogte is er vrijdagnacht veel water gevallen, er was zelfs onweer, wat hier redelijk zelden voorkomt. Vanuit appartement Arriba met z’n grote glazen puien was de bliksem een spectaculair gezicht, hoorden we van onze gasten. Zaterdag was nog wat onstabiel met af en toe een stortbui, maar ook hele mooie luchten.

Hele bijzondere wolken.

Daarna werd het heel warm, calima de afgelopen dagen, het lijkt weer zomer.

De zon doet onze sinaasappelboom, die later een mandarijn bleek te zijn, goed. We waren ervan overtuigd dat het een ‘naranjero’ was. Maar niet dus, hij hangt bomvol met mandarijnen. Ook lekker.

In Puerto Naos zit op de boulevard de Puerto Naos Beach Bar. Met een Nederlandse eigenaar. Op de kaart staan kroketten en patatje oorlog (papas guerra), kompleet met Nederlands vlaggetje en een paar klompen (geloof ik) erbij. Anderhalf jaar hebben we de verleiding kunnen weerstaan. Maar kortgeleden gingen we toch voor de bijl, op een zondagmiddag toen we de lunch overgeslagen hadden en de kroketten-lokroep te sterk was.

Met een ‘jarra’, een grote pul bier, erbij. De kroketten hebben we weleens lekkerder gegeten, hadden wat steviger gebakken mogen worden, maar smaakten ons desondanks best.

Nog maar even door over eten. In Todoque, niet ver van ons vandaan, zit bar-restaurant El Atajo. Een typisch Palmees restaurant, niks verfijnd, niks sfeervol interieur, maar gewoon eerlijk eten en een ontzettend sympathieke dame in de bediening. Al vaak hadden we ons voorgenomen om er eens naar toe te gaan. Maar met z’n tweeën zagen we dat dan toch niet zo zitten. Daarom afgelopen week er met z’n zevenen naar toe gegaan. Een enorm uitgebreide kaart, voornamelijk vlees. Met frites of de Canarische papas arrugadas. Met aioli en/of mojo. Met salade, die we niet genomen hebben, omdat die voornamelijk uit blik schijnt te komen. Zoals wel vaker het geval is bij Canarische restaurants. We aten allemaal een hoofdgerecht, 2 grote schalen frites, mojo, aioli en alles erbij, behoorlijk wat drank en 1 nagerecht (palmese nagerechten, mwaah, mierzoet en loodzwaar op de maag, vandaar maar 1). Totaalbedrag voor 7 personen 97 euro. Wel moet je een doordringende frituurlucht geen probleem vinden en er rekening mee houden dat je na het eten al je kleding in de was kunt gooien en je zelf ook aan een opfrisser toe bent.

Conejo al ajo – konijn met knoflook – voor Karel. Volgens hem het lekkerste konijn dat hij in lange tijd gegeten heeft. En dat is niet gelogen.
Pollo asado – gegrilde kip – voor mij. Dit was een ‘media ración’ – een halve portie. Ook niks mis mee, gewoon lekker. Een disgenoot bestelde nietsvermoedend een hele portie en toen vroeg de serveerster lichtelijk verbaasd of hij echt in z’n eentje een hele kip wilde eten …..

Eveneens stonden de laatste weken in het teken van Max. Ten eerste was het deze week groot feest. Onze ouwe Max vierde zijn 16e verjaardag. Hij gaat maar door, alhoewel we de laatste tijd wel zo’n beetje een abonnement bij de dierenarts hebben. En dat is niet zo goedkoop als ons nieuwe telefoonabonnement helaas. Al diverse keren hebben we gedacht, dit is het, nu moeten we afscheid nemen. Diverse keren heb ik al bij voorbaat tranen gelaten, maar hij weet van geen wijken. Krabbelt steeds na een paar dagen weer op en loopt dan weer zijn rondjes door de tuin, trapjes op en af, eet met smaak, snuffelt overal als vanouds en is het volgens dierenarten Ruth en Anabela nog helemaal zijn tijd niet. Hij houdt ons in ieder geval de laatste paar weken erg bezig.

In de auto, op weg naar de dierenarts, met z’n kop als vanouds op de console om de weg mee in de gaten te kunnen houden.
Op de behandeltafel voor een foto. Bleek een maagontsteking te zijn, waarvan hij inmiddels weer is hersteld.
En weer thuis, lekker in z’n eigen mand.
Caballos Fufos, observatorium op de Roque en een bijzondere rups

Caballos Fufos, observatorium op de Roque en een bijzondere rups

Eind september werd in Tazacorte weer het jaarlijkse feest van de Caballos Fufos gehouden. Vorig jaar zijn we er ook naar toe geweest en heb ik er al iets over geschreven. Het is een heel maf feest, waarbij een tiental mannen met een soort kleurige stokpaarden van crepe papier dansend en springend door de straten gaan. De sfeer is ontzettend leuk, iedereen is vrolijk en danst/loopt achter de stoet aan. De bedoeling van dit feest, waar het gebruik vandaan komt, dat was ons echter niet duidelijk.

Ik vroeg het aan daarom aan Maite, onze Spaanse lerares Spaans. Zij vertelde het volgende: Tijdens het festival van San Miguel Arcángel, de beschermheilige van Tazacorte, dat op 29 september wordt gevierd, is Tazacorte vol kleur van de fufos-paarden. Dit zijn “paarden” gemaakt van riet en crepepapier in verschillende kleuren. Hoewel de oorsprong van de dans uit de middeleeuwen stamt, zijn de Caballos Fufos naar Tazacorte meegekomen met terugkerende Palmeros die naar Cuba waren geëmigreerd.

De kleurige ‘gekke paarden’.

De “paardendans” komt ook voor op Tenerife (daar bekend als “caballitos de fuego” – vuurpaarden) en ook zijn er kronieken te vinden die verhalen over vergelijkbare parades op Fuerteventura. In Latijns-Amerika wordt het feest in diverse landen gevierd. In Spanje zijn de oudste versies te vinden in Catalonië (“cavallets”) en op Mallorca (“los caballitos de Felanitx”).

De giraffe, die na een waarschuwende fluittoon dwars door de ‘paarden’ naar voren stormt. Hij zorgt voor een nóg vrolijkere noot.

Bijna overal worden de paarden vergezeld door andere dierenfiguren, zoals een ezel, koe of giraffe. De muziek waarop gedanst wordt is die van ‘Vuela vuela palomita’, uit een Mexicaanse film uit 1937 (Ora Ponciano!) en het lied dat wij kennen als ‘Rosamunde’, de Duitse Schlager van Dennie Christian. Deze beide worden de hele tocht tot in den treure herhaald, maar dat mag de pret niet drukken, de paarden én de feestbezoekers dansen met onverminderd enthousiasme door. Ben je eens eind september op La Palma, ga er dan zeker naar kijken.

Een video van TV La Palma om een indruk te geven.

Begin september hadden we ons ingeschreven voor een rondleiding door de telescoop Grantecan op het observatorium op de Roque de los Muchachos. Om eens te kijken of het iets is om gasten aan te bevelen. La Palma is samen met Hawaii de beste plaats ter wereld voor astronomisch onderzoek door de zuivere lucht en de heldere hemel. Veel Europese landen hebben hier een telescoop staan, waaronder Nederland. Grantecan is de Gran Telescopio de Canarias, van de Canarische Eilanden dus.

Het observatorium op de Roque de los Muchachos
Grantecan in close-up

Onze conclusie na de rondleiding: je ziet eigenlijk vrij weinig. Behalve een enorme ruimte met veel metaal. De rondleidingen zijn overdag, dus dan gebeurt er niet veel, zeg maar niets. Sowieso wordt veel van het ‘werk’ door computers gedaan. De Engelse gids heeft heel veel uitleg gegeven, ze deed dit ook met veel humor, maar al met al was het een behoorlijk technisch verhaal. Voor de leek een beetje te technisch, als je een liefhebber van astronomie bent, zal het vermoedelijk wel interessant zijn. Hoe dan ook is de rit naar de Roque fantastisch mooi en als je eenmaal boven bent is het uitzicht vanaf de miradors fabuleus en kun je er schitterend wandelen. Maar speciaal voor een bezoek aan de telescoop zouden wij er niet naar toe gaan, eerlijk gezegd.

De struise Engelse gids legt uit van welke landen alle telescopen zijn.
Allemaal een leuke blauwe helm op.
En dat is het dan, een enorme ruimte met veel metaal.
Hier gaat het allemaal om, de telescoop.

Enkele foto’s van een wandeling boven Jedey, die we een tijdje geleden op een zondagochtend deden. Gewoon een stuk omhoog gelopen over de PR LP15, die achter Pizzeria Evangelina omhoog gaat en via de Deseada vulkaan uiteindelijk in Tigalate aan de oostkant van het eiland uitkomt. Maar zover zijn wij niet gegaan.

Klimmen over een bospad.
Uit het bos gekomen een prachtig uitzicht.
Het wandelen op La Palma verveelt nooit.
Prachtige natuur, onderweg ook veel wijngaarden tegengekomen.
De smalle geasfalteerde weg die we op zo’n 1.100 mtr hoogte kruisten, namen we terug naar beneden.

En deze week zagen we een enorme, prachtig gekleurde rups uit de pot van onze Brugmansia omhoog komen. Wat voor mooie vlinder zou daar uit gaan komen? Even zoeken op internet leverde op dat het waarschijnlijk de rups van de doodshoofdvlinder is, daar lijkt hij in ieder geval heel erg op.

Als ik foto’s van de doodshoofdvlinder bekijk op internet, dan vind ik de rups een stuk mooier dan de vlinder zelf.
Even voorzichtig op een stoel gelegd om beter te kunnen fotograferen.

Dan nog een paar mooie bloemen/planten ter afsluiting.

mooi bloeiende cactus
Deze plantjes heeft Ito in het voorjaar geplant. We vonden het niet veel soeps, het blad werd geel en er gebeurde verder helemaal niets.
En opeens stonden ze in bloei, kleine daglelies of zoiets lijken het te zijn, met een soort van sliertjes eraan, hele bijzondere bloemen. Toch een goed idee van Ito 🙂
Naar Nederland en weer terug, dolfijnentocht, pitaya en einde protea

Naar Nederland en weer terug, dolfijnentocht, pitaya en einde protea

We hebben een drukke maand september achter de rug. Eerst bezoek van onze nicht Anneloes met vriend Berry, vrijwel meteen daarna ben ik een week naar Nederland geweest en na afloop van die week ben ik samen met onze neef Maarten en zijn vriendin Linda teruggevlogen naar La Palma. Sinds afgelopen dinsdag is de rust weergekeerd, de was is gedaan en het huis weer eens goed schoongemaakt. Tot begin november zijn we nu even met z’n tweeën (afgezien van de gasten in de appartementen).

In Nederland heb ik bij mijn moeder gelogeerd (zoals we altijd doen als we in NL zijn), ben ik met mijn zus twee dagen naar Arnhem geweest (verrassend leuke stad, hadden we geen idee van) en met m’n twee beste vriendinnen een dagje naar het strand van Domburg, waar een van hen woont en ook een strandhuisje heeft. Genieten! Wat is Nederland eigenlijk ook mooi, en zo ontzettend groen. Het lijkt wel of dat je beter opvalt als je er niet meer elke dag vertoeft.

Het mooie strand van Domburg.
Schitterend weer, dus het was genieten zonder de extreme zomerdrukte.

Terug op het eiland min of meer in de vakantiestand gebleven, want we hadden dus meteen privébezoek. Met z’n vieren besloten we een dolfijnentocht te doen. Dat hadden wijzelf ook nog nooit gedaan en Karel vond dat dat wel moest om onze gasten erover te kunnen vertellen. Naar mijn idee is een dolfijnentocht een dolfijnentocht, maar ok. Wij met de Fancy mee, tocht zou ongeveer 2½ uur duren met gelegenheid tot zwemmen onderweg.

Onze boot, de Fancy.

Nou, we hebben geen dolfijn gezien. Wel een schildpad voorbij zien zwemmen, héél in de verte een walvis gespot en ook nog een vliegende vis gezien, maar dat was het. De bemanning deed zijn uiterste best, speurde de oceaan af naar alle kanten, we hebben een uur langer rondgevaren dan gepland (op een gegeven moment waren we er wel klaar mee) op zoek naar leven en het zwemmen is er volledig bij ingeschoten. Terwijl we toch zo graag op die grote banaan achter de boot hadden gezeten 😉. Later hoorden we dat het ongeveer 1 op de 10 keer voorkomt dat er geen dolfijnen zijn. Dat hadden wij weer. De gasten die er tijdens mijn week in NL waren, hebben volop dolfijnen gezien. En onze gasten die er nu zijn en gisteren de tocht gedaan hebben idem dito. Hele groepen met zelfs jongen erbij tot in de haven aan toe. Dus echt wel een geval van pech voor ons.  Los daarvan was het heerlijk om een middag op het water te vertoeven en La Palma vanaf de oceaan te kunnen bewonderen.

We hadden ons lekker voorop de boot geïnstalleerd. Hetgeen overigens wel een paar fiks verbrande schouders bij Linda opleverde. Maar 2x verse aloë vera erop en geen centje pijn meer. Leuk dat we dat zo uit de tuin kunnen halen.
Naar de Cueva Bonita, een vulkanische grot.
Groot genoeg om met de boot binnen te varen. Wel een ontzettende diesellucht daarbinnen, niet zo gezond …
En een beetje donker. In de namiddag schijnt de zon naar binnen en baadt de grot in een prachtig licht. Dat hebben we dus ook gemist. Tip voor onze toekomstige gasten: doe de tocht in de namiddag.
Poris de Candelaria vanaf het water gezien.
En Playa de la Veta, zijn we nog nooit geweest. Veel te veel treden om er te komen die je nadien allemaal weer omhoog moet.
Een mooie blik in de Caldera vanaf het water.

Tussen de bedrijven door hebben we nog een extra privé loungeplekje gecreëerd in een hoger gelegen deel van de tuin voor de gasten in woning Arriba. Met geweldig mooi uitzicht over de oceaan en de bergen. Soort ‘bear chair’ stoelen laten maken door Paco, die ook de eettafels in de appartementen gemaakt heeft, mooi plekje geworden.

Voordat we begonnen: onkruid, onkruid, onkruid.
Begonnen om alle wildgroei eruit te halen.
De contouren voor het paadje en stukje terras worden zichtbaar en de eerste aloë vera’s zijn geplant. Alle planten zijn stekken uit onze eigen tuin.
Planten gekozen die niet veel water nodig hebben, want er ligt nog geen bewatering daarboven. De drakenbloedboom (drago) stond er al, verstopt tussen het onkruid.
De door Paco gemaakte stoelen. Met uittrekbaar voetenbankje. En uiteraard een tafeltje voor het glas wijn.
Weids uitzicht over oceaan en bergen, heerlijke plek.

Een tijdje terug heb ik een foto geplaatst van een cactus waarvan ik dacht dat het ook een soort koningin van de nacht was. Omdat de bloemen ’s nachts uitkomen en overdag tamelijk snel verwelken. Dit blijkt helemaal geen cactus te zijn, maar een ‘pitaya’ plant. Ook bekend als ‘dragon fruit’. Alleen is het ons tot nu toe niet gelukt om vruchten te krijgen. Wel veel bloemen, maar ze vallen eraf en that’s it. Een buurman is het kortgeleden wel gelukt (ook maar 1 vrucht overigens), eens vragen hoe hij dat voor elkaar heeft gekregen. Maar de bloemen zijn sowieso prachtig. De vrucht smaakt eigenlijk naar niks, of naar niet veel in ieder geval. Maar is wel heel sappig, bijzonder om te zien en  schijnt retegezond te zijn, vol antioxidanten en allerlei vitamines en mineralen.

Schitterende bloemen, maar vruchten ho maar.
De pitaya ofwel dragon fruit, bij onze plaatselijke groentewinkel vind ik tot nu toe alleen de roze/paarse variant.Die eet ik voortaan elke ochtend door m’n yoghurt. Goed bezig al zeg ik het zelf !

En slecht nieuws. De witte protea (waarover ik in augustus schreef), die na maanden van stilstand eindelijk begon te groeien, is alsnog overleden. In no time helemaal verdroogd. Toch zonde van de 8 euro dus uiteindelijk. We gaan op zoek naar een vervanger.

Dit was in augustus, helemaal blij, eindelijk groei.
En dit is nu, geen hoop meer

Maar ook nog goed nieuws: we hebben onze Spaanse rijbewijzen ontvangen. Toegezegd was binnen 4 à 6 weken, maar daar hadden we niet zoveel vertrouwen in eerlijk gezegd. We rekenden op een veel langere tijd. Onterecht, 4 weken na aanvraag, gisterochtend, lagen ze in de brievenbus.

Cubo de la Galga – nog eens duiken – Adieu Frans rijbewijs – vendimia

Cubo de la Galga – nog eens duiken – Adieu Frans rijbewijs – vendimia

We hebben deze week weer familiebezoek gehad, van onze nicht Anneloes en haar vriend Berrie. Heel gezellig, we zijn regelmatig samen op pad geweest. Berrie en Anneloes wilden graag naar de laurierbossen aan de oostkant van het eiland, een van de laatste stukjes overgebleven subtropisch laurierbos in de wereld. Daarom werden de laurierbossen van La Palma in 2002 een biosfeerreservaat van Unesco, hetgeen vandaag de dag voor het hele eiland La Palma geldt. Wij waren al weleens bij Los Tilos geweest, maar hadden nog nooit gewandeld bij Cubo de la Galga. Dus op pad gegaan. Het is een schitterend gebied, zodra je van de LP1 afslaat, ben je in een andere wereld. Ongelofelijk groen, vochtig, met reuzenvarens en lianen, een jungle maar dan zonder wilde dieren. Het was een toegankelijke wandeling van een kleine twee uur, met voor La Palma-begrippen niet al te veel hoogteverschil. Wat een contrast met onze droge westkant, prachtig !!

Weelderige vegetatie
Even de route checken.
Gigantische varens
Klein aquaduct

En omdat we toch in die hoek waren, hebben we geluncht op het schilderachtige pleintje in San Andres en zijn we daarna nog even langs het zeewaterzwembad Charco Azul gegaan.

Het schattige pleintje bij de kerk in San Andrés, met zeezicht.
Het zwembekken Charco Azul bij San Andrès.
En je kunt er ook nog wat eten en drinken.

Afgelopen zondag was er een traditioneel feest in El Paso, bij het kerkje Virgin del Pino. Wij erheen om een uur of twee, eerst zijn we ’s ochtends naar de hippiemarkt in Argual geweest (waar Karel het natuurlijk niet kon laten om weer een nieuwe plant te kopen). In het bos achter het kerkje was het al een drukte van belang, overal families aan het picknicken. Maar we waren een beetje te vroeg, er was nog geen muziek, de onvermijdelijke processie (want de beschermheiligen moeten altijd geëerd worden) was nog aan de gang. Maar de sfeer was al leuk, gemoedelijk en relaxed.

Een succulent, vetplant, met mooi gekarteld blad. Die hadden we nog niet, dus MOEST gekocht worden.
in afwachting van de muziek
Nog geen muziek. Ah ja,logisch, eerst moet de processie natuurlijk voorbij zijn.
Toch maar alvast aan de mojito.

En er is weer gedoken, want dat wilden ze ook weleens proberen. Opnieuw met Nanneke van Casa de Buceo uit Los Llanos, want dat was Karel in het voorjaar goed bevallen. Deze keer niet in La Bombilla maar in Puerto Naos. Ik ben aan het eind van de duiksessie naar het strand gegaan om de duikers uit de zee te zien herrijzen.

In eerste instantie had ik het verkeerde groepje op de foto, maar dit zijn ze dan toch echt.
Gesjouw, met die handel op je rug.
Moe maar voldaan, veel bijzondere vissen gezien.

Vorige week zijn we weer eens naar Trafico in Santa Cruz geweest omdat we ons Franse rijbewijs moeten inruilen voor een Spaans. Daar ons Franse rijbewijs een levenslange geldigheid heeft en Spaanse rijbewijzen (net als Nederlandse volgens mij) slechts 10 jaar, zijn we verplicht om onze rijbewijzen binnen 2 jaar om te ruilen voor een Spaans exemplaar, anders zijn we in overtreding en loop je risico op een flinke boete bij controle. En dat willen we niet natuurlijk.

Eerste stap was naar de Psicotéchnico in Los Llanos, waar getest wordt of je ‘apto’ bent om te rijden. We kwamen binnen bij een hele opgewekte receptioniste, die onze gegevens noteerde, een foto maakte en ons vertelde dat het allemaal goed zou komen. Toen werden we naar binnen geroepen bij een heer die eruitzag alsof hij al minstens 25 jaar de hele dag hetzelfde kunstje deed. We kregen een houten kastje voor ons met twee grepen eraan met een beeldscherm erboven. Het zag er erg jaren vijftig uit. Op het beeldscherm verscheen een weg met bochten en we moesten met de grepen sturen om op de weg te blijven. Maar die grepen werkten een soort van tegengesteld aan elkaar en dat viel nog niet mee. Ik ging dus een paar keer in de kant, waarbij je dan alarmtoon hoorde. Ik vreesde al het ergste, maar de man verblikte of verbloosde niet en ik kreeg een formuliertje met ‘apto’ erop en een stempel. Terug in de wachtkamer hoorde ik van Karel dat hij ook enkele keren in de berm was terechtgekomen. Toen door naar een ander hokje met daarin eveneens een type bijna uitgebluste ambtenaar. Hij stelde een paar vragen, of we goed hoorden, of we een bril dragen tijdens het autorijden, of we medicijnen slikken, etc. etc. Onze antwoorden werden genoteerd, gecontroleerd werd er niets. Terug naar de enthousiaste receptioniste, die ons het benodigde ‘informe de aptitud psico-física’ overhandigde.

Toen naar een fotograaf voor pasfoto’s, want de foto die de receptioniste gemaakt had, was alleen bestemd voor het geschiktheidsformulier. Via internet een afspraak gemaakt bij Trafico voor de ‘canje’, het omwisselen. Daar moesten we ons Franse rijbewijs afstaan, kregen een tijdelijk bewijs waarmee we binnen Spanje mogen rijden en we gaan als het goed is binnen een week of 6 de nieuwe rijbewijzen ontvangen. Maar nu heb ik dus geen geldig rijbewijs meer als ik volgende week in Nederland ben, waar ik een weekje vertoef. Ik gok het er maar op, ben in al die jaren in NL nooit gecontroleerd, het zou wel heel toevallig zijn als dat nu wel gebeurt. En voor het geval dat heb ik een kleurenkopie gemaakt van mijn oude, Franse rijbewijs, dat in het hoesje niet van echt te onderscheiden is (zo lang je niet al te nauwkeurig kijkt tenminste) 😉 .

De kopieën van voor- en achterkant, die ik keurig tegen elkaar geplakt heb.

In de Bourgogne zullen de ‘vendanges’, de druivenoogst, zo langzamerhand gaan beginnen. Hier is de ‘vendimia’ ook in volle gang. Rond om ons heen liggen overal kleine druivenveldjes waar vorige week geplukt werd, vertrouwde beelden voor ons. Bekende bodega’s op het eiland zijn in het noordwesten Vega Norte en Tendal, in het zuiden Teneguía en in het noorden, onze favoriet, Tagalguén en El Nispero en vlakbij ons Tamanca. Maar er zijn er nog behoorlijk wat meer. Vooral de witte wijnen van La Palma vind ik erg lekker.

Mooie trossen, dit was eind juli.
Llano del Jable, drempelbeleid, protea’s

Llano del Jable, drempelbeleid, protea’s

Op maandag 5 augustus bleek het een feestdag op La Palma te zijn, ter ere van Nuestra Señora de las Nieves. Wij wisten dat niet (vorig jaar ongemerkt aan ons voorbij gegaan, was toen een zondag), hoorden het bij toeval. Normaliter is maandag onze boodschappendag, de koelkast is meestal leeg na het weekend, maar alle winkels zouden ook gesloten zijn (bleek achteraf overigens helemaal niet het geval te zijn). Daarom besloten we dat wij dan ook maar een ‘vrije dag’ zouden nemen en gingen we wandelen naar de Llano del Jable, een asvlakte min of meer recht boven ons. We hadden met de wandelapp Viewranger een wandeling vanaf Tacande naar de Llano del Jable op de telefoon gedownload, 9 km en 550 mtr hoogteverschil.

de wandeling die we gemaakt hebben

Later zagen we dat dezelfde wandeling ook in een van onze wandelgidsen stond, maar met de route op de telefoon was het wel erg praktisch, moet ik zeggen. Met de auto zijn we een stukje omhoog gereden naar het startpunt in de Calle Cuesta de Juliana in Tacande, kleine 3 km afstand van ons huis. Meteen vanaf het begin ging het steil omhoog, niks geleidelijk klimmen, nee meteen alle 550 mtr in één streep doorploeteren. Maar het was de moeite waard, de Llano del Jable is mooi in al zijn zwartheid. Er was wel heel veel wind toen we er eenmaal aangekomen waren, maar dat stoorde ons niet. We zagen overigens dat je er ook met een 4×4 auto kunt komen, Volgende keer misschien 😊 .

Omhoog, stukje ‘vals plat’ hier, maar dat duurde helaas niet lang. Al snel weer stug bergop.
De kale top van de Birigoyo die we kortgeleden beklommen hebben.
Aangekomen op Llano del Jable.
Je zou het niet zeggen, maar het woei ontzettend daar.
Een aarzelend wolkenwatervalletje over de Cumbre.
Na afloop hadden we een biertje van bierbrouwerij Isla Verde in Tijarafe verdiend. Blond Picara voor Karel en wit Indiana voor mij. Lekker!

En daarna afkoelen ‘with a view’ in ons dompelbad.

De gemeente Los Llanos houdt er een wel heel apart ‘drempelbeleid’ op na. Ongeveer een jaar geleden werden er in de Camino Campitos, de straat waar onze beneden-ingang aan ligt, een stuk of 3 hele vervelende drempels aangelegd. Mooi rood, goed opvallend, maar hoog en heel recht ‘afgekant’. De eerste keer dat ik eroverheen ging had ik dat niet in de gaten en klapte ik er enorm overheen. Daarna steeds afgeremd tot bijna stilstand en dan héél rustig eroverheen gereden. Het werkt wel op die manier, zo’n drempel, dat moet gezegd. Maar vermoedelijk hadden er meer mensen moeite mee, want enkele maanden later werden de drempels enigszins afgeplat, zodat je er overheen kon zonder je auto aan gort te rijden.

Dit is een kleintje, al aangepast naar de mildere variant.

Weer een tijdje later waren er werkzaamheden aan de Campitos, iets met de straatverlichting die er al lang stond maar het nooit deed. De drempels werden doorsneden door een sleuf en daarna weer dichtgemaakt met grijs cement. Zag er een stuk minder mooi uit. En kortgeleden werd de hele Campitos (behalve het deel bij ons helaas) opnieuw geasfalteerd. Dat was ook hard nodig, want in erbarmelijke staat. De drempels werden met het straatniveau gelijk gemaakt, weg drempels, alleen de rode bovenkant is zichtbaar gebleven. Dit lijkt me toch een redelijke verspilling van gemeenschapsgeld, de drempels hebben er nog geen jaar gelegen!  Het heeft natuurlijk wel wat mensen aan het werk gehouden, dat dan weer wel.

De erdoorheen gehakte sleuf is nog goed zichtbaar, maar het niveauverschil is weg. Je kunt weer als vanouds door de Campitos scheuren.

We wilden graag Protea’s in onze tuin hebben, die mooie, grote bloemen die je in Zuid-Afrika zo veel ziet. Nu worden ze ook op La Palma geteeld, boven El Paso zijn verschillende velden te vinden en ze worden in boeketten te koop aangeboden. Maar om een Protea-plant te kopen voor de tuin, dat valt nog niet mee. Ze worden waarschijnlijk allemaal geëxporteerd. Maar van onze onderburen hoorden we dat er op de zondagmarkt in Argual een dame staat die de planten verkoopt. Dus wij naar de markt.  Ze had ze die dag niet op voorraad maar we konden ze wel bestellen voor de volgende week. Ok, een witte en een rode dan. Een week later weer naar de markt, waar het heel druk was en geen parkeerplaats te vinden was. ‘Dan loop jij maar even en blijf ik hier in de auto wachten’, zei Karel. En inderdaad had ze de planten. Wel heel klein en 8 euro per stuk. Toch maar gekocht. Terug in de auto kreeg ik de wind van voren. ‘Wat heb je nou weer gekocht, daar heb je toch geen 8 euro voor betaald voor die ieniemienie plantjes??’ Ja, wel dus. Afijn, plantjes in de tuin gezet, waarna er maandenlang niks maar dan ook helemaal niks gebeurde. Ze gingen niet dood, maar er zat geen centimeter beweging in. Gelukkig was dat bij onze onderburen, die ook 2 plantjes gekocht hadden, precies zo. Gedeelde smart is halve smart. Tot een paar weken geleden. Opeens kwam er beweging in de zaak en begonnen ze te groeien. In de rode zit inmiddels een enorme bloem, wel heel mooi hoor. De witte bloeit nog niet, maar ook die begint nu groter te worden dus zal dat ook wel goed komen.

De bloeiende protea.
Nog een close-up.
En de witte, die nog niet aan bloeien toe is.

Dan hangen de rode gordijnen intussen in de ‘wintergarten’ boven. Valt me niet tegen toch. Met het krimpverhaal van de gordijnen in de appartementen nog vers in het geheugen, heb ik ze echter royaal lang gelaten. Eerst maar eens een paar keer wassen en zien wat er gebeurt.

Trendy ‘oversized’ gordijnen.
Ouf, wat is dat netjes neergezet. Benieuwd hoe lang dat zo blijft….

En de eerste Elizawashere-gasten zijn intussen geweest. Ze maakten een hele leuke fotocollage en lieten een lief briefje voor ons achter. Bedankt Angelique en Erik !

Max wilde heel graag ook op de foto 🙂